Kaput

Het was de donderdagavond voor kerst. Op mijn gemak pakte ik mijn spullen alvast in voor de laatste werkdag op kantoor. Nog een paar uurtjes werken morgen, een kerstborrel met de laatste aanwezige collega’s en daarna een week gevuld met familiebezoeken, copieuze diners, vuurwerk en dat jaarlijkse alcohol- en explosievenfestijn dat men oud en nieuw noemt. Terwijl ik sta te dubben welk boek ik meeneem voor de dagelijkse busreis naar Amsterdam, slaat het noodlot toe. Het begint met wat gepruttel en een fractie van een seconde later wordt het geluid in mijn linkeroor gedempt tot fluisterniveau.

Het voelt alsof er een bak ijskoud water over mij heen is gegooid. In paniek graai ik naar mijn gehoorapparaat en probeer ik met zachtjes blazen en wat strategische tikjes het ding weer aan de praat te krijgen. Dit kan gewoon niet waar zijn, die krengen kunnen er nu niet mee ophouden, niet op dit moment! Maar uit ervaring weet ik dondersgoed dat dit hét moment is waarop gehoorapparaten er de brui aan geven. Grijze haren heb ik mijn ouders bezorgd als ik weer eens op de ochtend dat we voor drie weken op vakantie gingen met de mededeling kwam “papa, mama, ik hoor ineens niets meer”. Het gebeurde voor schoolreisjes, belangrijke examens, familiereünies, de eerste dag van een nieuwe opleiding enzovoorts.

In mijn hoofd speelt de film van het naderende rampscenario zich alvast af. Gezellige kerstdiners waar ik niets kan volgen. Familieleden die zich vol medelijden over mij ontfermen en het alleen maar erger maken zodat ik uiteindelijk een potje ga janken en ieders avond verpest. Een eenzame oud en nieuw op de bank met de oudejaarsconference van Youp van ’t Hek (die dan wel weer ondertiteld wordt…). Het zweet breekt me kortom aan alle kanten uit.

De volgende dag staat me na werktijd maar een ding te doen. Naar de audicien! Nu! Voordat ie dicht is! Compleet doorgestressed bereik ik de winkel. De audicien hoort mijn warrige verhaal aan en loopt naar achteren om mijn gehoorapparaat door te lichten. Binnen een minuut is hij weer terug. “Er zat wat water in het oorstukje, dat heb ik er even uitgeblazen”. Met dankbare hondenogen kijk ik hem aan. De enorme knulligheid van het hele gebeuren interesseert me op dit moment helemaal niets: mijn feestdagen zijn gered!

naar boven

Visual


Volg ons op:
  • CBF
  • ANBI
  • Vrienden Loterij
Sitemap sluiten
-