Menu overslaan
Levi speelt alleen
Levi (12) heeft niet veel vrienden en dat is moeilijk. Zijn hoofd zit vol leuke speelideeën, maar de kinderen van zijn speciale basisschool wonen te ver weg om makkelijk af te kunnen spreken. Niet dat het stil is in huis. Zijn zusje heeft veel vriendjes over de vloer. En na een snelle groet en high five met Levi rennen ze naar boven om te spelen. Levi blijft beneden. Met zijn hond, zijn games of zijn lego.

Levi heeft cerebrale parese. Hierdoor werken zijn spieren niet goed samen. Hij maakt ongecontroleerde bewegingen en zit in een rolstoel. Omdat de kinderen uit zijn klas te ver weg wonen, of zelf een beperking hebben waardoor speelafspraken lastig zijn om te maken, speelt Levi het liefst met ‘gewone’ kinderen. Leeftijdgenootjes uit de buurt komen vaak samen in de speeltuin. Moeder Mirte: “De speeltuinen in de buurt zijn niet toegankelijk voor kinderen in een rolstoel. En stel dat ze toegankelijker gemaakt zouden worden, dan nog hebben we het probleem dat de meeste speeltuinen hier aan het water liggen. Ik zal er dan altijd bij moeten blijven.”

Er bij blijven moet moeder Mirte ook wanneer Levi heeft afgesproken met een vriendje in de bioscoop. “Natuurlijk ga ik achter in de zaal zitten, maar hij heeft me toch veel nodig. De toiletten in de bioscoop zijn wel rolstoelvriendelijk, maar ik moet hem toch helpen. Dat is voor geen één kind leuk, zeker als je op deze leeftijd, heel gezond, niet zo een zin hebt in je moeder. Wat het misschien wel nog lastiger maakt, is dat de kinderen die komen voor Levi, vaak naar zijn zusje trekken. Een kind zonder beperking speelt gewoon makkelijker. En dat frustreert.”

Kussengevecht

Hij hoort ze luid en duidelijk, de kinderen die boven spelen. Eerst deden ze een kussengevecht, nu zijn ze een hut aan het bouwen van de dekens en kussens. Levi’s zusje heeft vandaag twee buurkinderen te spelen. Boven in haar kamertje zetten ze de boel op stelten. Wat zou Levi graag mee willen doen. Maar ja, hij komt niet zonder hulp naar boven. En wat wilde hij daar dan doen? Toekijken, aanmoedigen? Vragen of de kinderen beneden komen spelen heeft hij ook wel eens gedaan. In de huiskamer, met zijn ouders erbij. Dat wordt toch niet zo leuk. Voor niemand. Levi zucht en start de spelcomputer op. Als hij zijn koptelefoon op heeft, hoort hij even de kinderen niet.

Levi’s grootste handicap

Eenzaamheid is Levi’s grootste handicap. Want bijna niets is eenzamer dan anderen plezier te zien maken, zonder mee te kunnen doen. Vrienden maken lukt hem wel, maar klasgenootjes van het speciaal onderwijs wonen te ver om mee af te spreken. En kinderen uit de buurt spelen vooral met zijn zusje.

Geen enkel kind zou alleen moeten spelen vanwege een handicap. De droom van Levi om samen dingen te doen is ook onze droom. Geen kind zonder vriendjes – dat is waar we ons dagelijks keihard voor inzetten. Per jaar bereiken we 30.000 kinderen en zorgen ervoor dat zij samen kunnen opgroeien met leeftijdsgenootjes. In de speeltuin, op school, op de sportclub. Zo zorgen we ervoor dat kinderen met en zonder handicap elkaar leren kennen. Dat ze samen kunnen spelen, sporten en leren – samen opgroeien. En vrienden maken.

Wil je weten wat het Gehandicapte Kind doet om te zorgen dat kinderen zoals Levi niet alleen hoeven te spelen? Meer informatie

CBF Centraal Bureau Fondsenwerving ANBI Algemeen Nut Beogende Instelling VriendenLoterij