Menu overslaan
Twee kinderen op het schoolplein

Zo kan het ook

Kunnen kinderen met en zonder handicap samen naar school? Veel mensen denken van niet. Ouders zijn bang dat hun kinderen aandacht of zorg tekort komen. Scholen zijn verander-moe en willen hun leerkrachten niet nog meer belasten. Hoe reëel zijn deze bezwaren? Berdi de Jonge-van Kraaij (55) is directeur van basisschool De Korenaar in Eindhoven, waar kinderen met en zonder beperking samen naar school gaan. Ze kan er kort over zijn: ‘Als je het goed regelt, heeft deze vorm van onderwijs voor iedereen alleen maar voordelen.’

'Als je het goed regelt, heeft inclusief onderwijs voor iedereen alleen maar voordelen' - Berdi de Jonge - van Kraaij, directeur De Korenaar

Heeft de leerkracht nog wel tijd voor mijn kind als er ook gehandicapte kinderen in de klas zitten? Mijn kind wordt op een reguliere school vast en zeker gepest met zijn handicap. Al die zorgkinderen in de klas, dat is toch veel te zwaar voor gewone leerkrachten? Als het gaat om inclusief onderwijs ziet bijna iedereen beren op de weg. Berdi de Jonge-van Kraaij kent de bezwaren, maar ze deelt ze niet. ‘De enige beer die ik zie, is de angst voor het onbekende. Daarmee zeg ik nadrukkelijk niet dat inclusief onderwijs niets vraagt van een school. Het vereist wel degelijk de nodige aanpassingen.’

Welke aanpassingen?

‘Op De Korenaar zitten alle kinderen, net als op andere scholen, in hun eigen, vaste groep. Daarnaast werken we met ZON-groepen, waar kinderen naartoe gaan als ze een specifieke hulpvraag hebben. We hebben ZON-groepen op gebied van taal, gedrag en rekenen, maar bijvoorbeeld ook voor hoogbegaafde leerlingen en voor leerlingen die vanwege een ziekte of beperking ondersteuning of zorg nodig hebben. Verder loopt er in de onderbouw één onderwijsassistent mee.’

Kun je dat als school allemaal wel betalen?

‘Bij de formatie moeten we inderdaad keuzes maken. De inzet van de extra onderwijsassistent en de ZON-leerkrachten kan bijvoorbeeld betekenen dat klassen iets groter kunnen zijn. Het scheelt wel dat wij met 419 leerlingen geen kleine school zijn. De keuzes binnen de formatieruimte worden een stuk ingewikkelder als je maar 150 kinderen op je school hebt zitten.’

Hebben leerkrachten op De Korenaar een speciale scholing gevolgd?

‘We hebben op allerlei gebieden specialistische kennis in huis en iedereen die op onze school werkt, heeft een opleiding gevolgd in mediërend leren. Daarbij ga je niet uit van de beperkingen van een kind, maar van de mogelijkheden. Onze leerkrachten hebben dus geleerd om heel goed te kijken naar kinderen. Hoe leren ze? Waardoor worden belemmeringen veroorzaakt? Hoe kun je die wegnemen? Zo volgen we in kleine stapjes het denkproces van ieder kind en sluiten daar waar nodig met het onderwijs op aan. Hierdoor lukt leren beter en krijgen kinderen zelfvertrouwen.’

Vraagt werken op een inclusieve school veel extra inspanning van de leerkrachten?

‘Inspanning is niet het juiste woord, maar je moet wel een bepaalde attitude hebben om hier te willen werken. We nemen niet zomaar iedereen aan. Je moet geloven in deze vorm van onderwijs en bereid zijn om er helemaal voor te gaan. In de praktijk betekent dit dat je in staat moet zijn om de kwaliteiten van ieder kind te blijven zien. Oók op de momenten dat het even moeilijk is of niet vanzelf gaat.’

Dat lijkt me niet altijd even gemakkelijk…

‘Natuurlijk is het weleens pittig in een klas, maar dan is er altijd wel iemand die zegt: ik neem dit kind wel even van je over. Dat kan een andere leerkracht of de intern begeleider zijn, maar ook de conciërge of iemand van de administratie of ikzelf. Bij ons op school heerst een sterk gevoel van verbondenheid; we zullen elkaar waar nodig altijd helpen.’

Zijn alle kinderen welkom op jullie school?

‘In principe wel, maar we hanteren wel een aannamebeleid. Alle kinderen uit de wijk zijn welkom, ongeacht of ze wel of geen beperking hebben en wat hun culturele of maatschappelijke achtergrond is. Bij andere aanmeldingen bekijken we of we het kind kunnen bieden wat het nodig heeft. Als we daar niet duidelijk in zijn, is binnen de kortste keren de balans zoek. Dan worden we een veredelde school voor speciaal onderwijs, en dat is niet onze ambitie. Alleen voor kinderen met Down maken we een uitzondering. Zij komen ook van buiten de wijk. Als er meerdere kinderen met Down op je school zijn, kun je ze een beter passend aanbod geven.’

Mensen denken nogal eens dat een kind zonder handicap op een inclusieve school aandacht tekort komt…

‘Die vraag krijgen we inderdaad weleens van ouders tijdens kennismakingsgesprekken. Dan vertellen we hoe wij, met onze ZON-groepen en extra onderwijsassistent, zorgen voor een structuur waarin voor alle leerlingen voldoende aandacht is. Dus óók voor de kinderen zonder beperking. Als kinderen eenmaal hier op school zitten ervaren ouders hoe het in de groep werkt. In de praktijk zijn kinderen met een beperking namelijk niet een extra probleem. De zorg gaat eerder uit naar kinderen met een kort lontje, die onrust kunnen veroorzaken in de groep. Deze problematiek heeft niets te maken met inclusief onderwijs. Zulke kinderen heb je op iedere school.’

Tot zover de beren op de weg. Wat zijn de voordelen van inclusief onderwijs?

‘Bij De Korenaar kijken we niet alleen naar cognitieve resultaten. We vinden het ook belangrijk hoe onze leerlingen zich als mens ontwikkelen. Op onze school zien kinderen al op jonge leeftijd dat het leven niet voor alle mensen hetzelfde is en dat iedereen z’n kwaliteiten heeft. Omgaan met verschillen, daar ben ik heilig van overtuigd, dat kun je niet leren uit boeken of door mooie lessen over burgerschap. Dat moet je leren in de praktijk.’

Op De Korenaar zitten 419 kinderen, waarvan 12 leerlingen een (fysieke) beperking hebben. Er zijn 2 kinderen met een ernstige hoorafwijking, 2 kinderen met cerebrale parese, 2 langdurig zieke kinderen en 6 kinderen met Down. Daarnaast zijn er ook nog leerlingen met bijvoorbeeld een gedragsstoornis of dyslexie, zoals op alle reguliere basisscholen.
Ibe in de klas

In groep 6 van De Korenaar is vandaag de 11-jarige Ibe aan de beurt voor een boekbespreking. Met behulp van een mooie (zelfgemaakte!) PowerPoint-presentatie vertelt hij voor de klas over Dolfje Weerwolfje. Zijn klasgenoten zijn muisstil. Dat moet ook wel, want Ibe is best moeilijk te verstaan. Hij heeft het syndroom van Down. Na afloop is zijn moeder Joke Lenearts (52) trots op haar zoon en wederom zó blij dat Ibe nu op De Korenaar zit.

'Ik wou dat ik vroeger met iemand als Ibe in de klas had gezeten!' - Joke lenearts, moeder Ibe

‘Aanvankelijk ging Ibe, net als zijn oudere broer Floris, naar de Vrije school’, vertelt Joke. ‘De peuter- en kleuterjaren had hij het daar prima naar zijn zin. De antroposofische filosofie gaat ervan uit dat ieder kind de kans moet krijgen om zichzelf te ontdekken en ontwikkelen. Dat werkte goed voor Ibe. Hij kreeg er zelfvertrouwen van. Totdat hij in groep drie een nieuwe juf kreeg.’

Wat gebeurde er?

‘Ibe kreeg heel veel negatieve feedback van die juf. Hij schreef niet netjes, hij maakte te veel fouten – altijd stond ze klaar met dat zwaaiende vingertje, nooit was het goed. Ibes zelfvertrouwen nam zienderogen af. Hij verloor zijn vrolijkheid en kwam nors en gespannen thuis uit school.’

 Dus gingen jullie praten…

‘Uiteraard, maar dat hielp niet echt. Daarbij wil ik niets ten nadele zeggen van die school. Iedereen zag onze worsteling en probeerde te helpen. Oók de juf van Ibe. Zij had oprecht verdriet van de situatie. Achteraf heeft ze toegegeven dat het een kwestie was van persoonlijk onvermogen. Ze kon een kind als Ibe gewoon niet aan. Omdat leerkrachten op een Vrije school meegaan met de groep, zou Ibe deze juf nog jaren houden. Ibe zat in groep vier toen we besloten om een andere school voor hem te zoeken.’

Was het speciaal onderwijs ook een optie?

‘Nee, absoluut niet. Bij mensen met Down zie je soms dat ze een beetje apart van de wereld staan. Dat wilde ik voor Ibe per se voorkomen. Ik gun hem een gewoon leven, waarin hij zich zo zelfstandig mogelijk leert redden. Vroeger zat hij op een gewone peuterspeelzaal en ik wilde hem ook weer op een reguliere basisschool hebben. Maar dat viel nog lang niet mee. Ze wilden Ibe nergens hebben.’

Waarom niet?

‘Tja, daar kom je niet echt achter. De ene school meldde dat ze ‘al meer dan genoeg zorgenkindjes’ hadden. De ander kwam met het argument dat ‘het team er niet klaar voor was.’ Zo triest. Ik hoor het wel van meer ouders. Sinds de rugzakjes zijn afgeschaft, zijn kinderen met een beperking na de kleuterjaren nergens meer welkom.’

Hoe was dat voor jou?

‘Emotioneel. Ik vond het vooral heel heftig omdat het verschil met mijn oudste zoon Floris zo groot was. Hij is een super begaafde leerling en zeer sociaal vaardig. Waar hij ook komt, de wereld ontvangt hem met open armen. En Ibe? Ibe kon niet eens naar een gewone school. Waarom? Mijn jongste zoon heeft de wereld net zoveel te bieden als mijn oudste. Ik wou dat ik vroeger met zo iemand als Ibe in de klas had gezeten!’

Wat had jou dat dan gebracht?

‘Een heleboel, want hij is gewoon een geweldig leuke jongen. Maar dat is niet het enige. Dan was ik nu ook onbevangener geweest. Als ik iemand tegenkom met een handicap moet ik eerlijk gezegd soms toch even zoeken: hoe ga ik hiermee om? Daar heb je geen last van als je gewoon met elkaar opgroeit. Dat zie ik ook aan Floris. Die gaat heel relaxt om met mensen met een beperking. Ach, weet je wat het is? Het zijn nooit kinderen die moeilijk doen. De volwassenen maken het ingewikkeld.’

Terug naar Ibe. Gelukkig heb je uiteindelijk toch een school voor hem gevonden…

‘Jazeker, hij gaat sinds anderhalf jaar naar De Korenaar. Fantastisch, we hebben onze oude Ibe terug. Hij komt iedere dag vrolijk thuis en treedt de wereld weer vol zelfvertrouwen tegemoet. Laatst had hij zelfs een kinderpartijtje. Apetrots was-ie, dat hij een uitnodiging kreeg. Met leren gaat het ook prima. Van zo’n boekbespreking over Dolfje Weerwolfje leert hij heel veel. Begrijpend lezen, omgaan met computers, een presentatie verzorgen. We zijn nog iedere dag blij dat Ibe eindelijk zijn plek gevonden heeft!’

Magazine over vier 'inclusieve' scholen
De Korenaar is een van de vier basisscholen die worden geportretteerd in het eenmalige magazine ‘Zo kan het ook' scholen. Deze vier scholen zijn voorlopers op het gebied van inclusief onderwijs. In het magazine vertellen ze hoe ze dat aanpakken en hoe het bevalt. Het magazine is een initiatief van het NSGK-project In1school. Met de uitgave willen we andere scholen informeren en inspireren om ook met inclusief onderwijs aan de slag te gaan. Het magazine is te downloaden of te bestellen via www.in1school.nl/zo-kan-het-ook-scholen.
Bij NSGK willen we dat kinderen met en zonder beperking samen opgroeien. Daarom zijn we het project In1school gestart. In1school maakt zich sterk voor het recht op inclusief onderwijs. In1school verzamelt kennis, verspreidt goede voorbeelden, maakt schendingen op het recht op inclusief onderwijs zichtbaar en helpt ouders die deze schendingen aanvechten voor de rechter. Kijk voor meer informatie op www.in1school.nl.

Tekst: Annet Reusink

Lees ook:

  • Verhaal 12

    Totale ontspanning

    Als je kind chronisch ziek of gehandicapt is, wordt je wereld een stuk kleiner. Speciaal voor deze gezinnen organiseert Stichting Tante Lenie gezinsweken. Voor de familie Klootwijk een ommekeer.

  • Verhaal 17

    Geld moet rollen

    Op de kop af vijf jaar geleden sloegen NSGK en Triodos Bank de handen ineen. Samen lanceerden we het Triodos NSGK Borgstellingsfonds. Ons doel: nog meer prachtige projecten mogelijk maken voor kinderen met een handicap.

  • Verhaal 2

    Daan "Cappie" de Groot

    Kinderen met een handicap kunnen óók avonturen beleven. Kijk maar naar de spannende tv-serie Caps Club. Hoofdrolspeler Daan de Groot (nu 16 jaar) vertelt.

CBF Centraal Bureau Fondsenwerving ANBI Algemeen Nut Beogende Instelling VriendenLoterij

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen? Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen.