Menu overslaan

Werken met een handicap

 

Voor jongeren met een beperking is het vaak moeilijker dan hun niet beperkte leeftijdgenoten om een baan te vinden. Daarom ondersteunt NSGK projecten die hen helpen werkervaring op te doen en biedt NSGK zelf arbeids- en stageplaatsen aan. Aranka van Lindert (22) is stagiaire bij NSGK. Zij studeert Journalistiek en Communicatie en schrijft graag. Aranka heeft het zeldzame Goltz-Gorlin syndroom en daardoor meerdere lichamelijke beperkingen. Ze heeft een verkorte linkerarm met één vinger en een onderbeenprothese. Ondanks deze beperkingen staat ze positief in het leven en hoopt ze met haar verhalen anderen te inspireren.

Hoe belangrijk is je stage bij NSGK voor jou?

‘Ik wilde graag bij NSGK stage lopen omdat het een goed doel is dat zich inzet voor kinderen met een handicap. In mijn werk wil ik er graag toe doen. Deze werkervaring is belangrijk voor mij omdat het me helpt mijn mondelinge communicatie te oefenen en mijzelf te ontwikkelen. Dat is een uitdaging en soms best moeilijk dus zoek ik steeds mijn eigen grenzen op. Zo kan ik groeien. Dit is mijn tweede stage. Mijn eerste stage vond ik best spannend, dat gaat nu al veel beter. Deze werkervaringen geven me de kans om verschillende mensen en situaties te leren kennen. Ik heb het naar erg naar mijn zin, de sfeer is goed en ik kan mezelf zijn.’

Waar zou je na je studie willen werken?

‘Dit jaar studeer ik af. Op dit moment ben ik bezig met het kiezen van mijn vervolgstap in mijn carrière. Ik weet nog niet of ik ga doorstuderen of ga werken. Werken maakt me blij en ik heb al best veel inlevingsvermogen. Maar met een studie kan ik nog meer kennis vergaren, me breder ontwikkelen en leer ik omgaan met werkdruk. Als ik ergens ga werken, moet dat een plek zijn waar ik me goed voel en mezelf kan zijn, dat is een belangrijke voorwaarde! Ik zou graag bij een stichting willen werken die zich hard maakt voor anderen, en kinderen in het bijzonder. Ik wil me graag maatschappelijk inzetten en zou bijvoorbeeld nooit bij een bank solliciteren. Niet omdat ik dat werk niet zou kunnen maar omdat het me niet interessant lijkt. Die keuze komt deels voort uit mijn eigen beperking. Maatschappelijke organisaties geven om mensen en inspireren. Ik vind het zelf ook inspirerend om te lezen hoe anderen iets met passie doen. Op die manier helpt mijn beperking me eigenlijk. Ik weet wat ik wil.’

Aranka van Lindert, stagiaire NSGK, op het paard Foto: Digishots

Heb je een bijbaantje naast je studie?

‘Ik heb wel eens gewerkt via Emma At Work, een uitzendbureau voor jongeren met een beperking. Als kassamedewerker bij de tentoonstelling ‘Tussen Ziek en Beter’ in het Stadsarchief. Deze tentoonstelling was opgezet ter ere van het 150-jarig bestaan van het Emma Kinderziekenhuis in Amsterdam. Als klein meisje was ik regelmatig in het Emma voor operaties en controles, dus ik was een ervaringsdeskundige tijdens het werk. Het was erg leerzaam om hier te werken. Toch was het te veel van het goede. De combinatie van school en werk was zwaar. Ik liep toch wel een beetje tegen mijn handicap en mindere energie aan. Dat is best moeilijk, want ik wil zo graag. Zoals nu, drie dagen stage lopen en de andere dagen rusten, gaat beter.’

En hobby’s?

‘Ik ben altijd sportief geweest en vind conditie belangrijk. Van mijn 8ste tot mijn 21ste heb ik paardgereden bij de Prins Willem Alexander Manege in Amsterdam voor mensen met een beperking. Uiteindelijk reed ik mee met valide ruiters, dat heb ik eerst moeten leren en uitproberen. Op dit moment staat het paardrijden op een laag pitje omdat ik een paar keer hard ben gevallen. Dat kan trouwens iedereen gebeuren hoor, het is een risicovolle sport! Ooit hoop ik het weer op te pakken, maar om mijn conditie op pijl te houden doe ik nu een andere sport. Een keer per week train ik met een groepje in het Olympisch Stadion in Amsterdam. We noemen onszelf het prothesegroepje. Robin van Damme, paralympisch atleet, is onze instructeur. Het sporten is goed voor mijn lichaam, ik ren nu zelfs kleine stukjes, wat ik nooit deed. Het is ook ontspannend en leuk om samen je hoofd leeg te maken. Als kind heb ik ook nog getennist en geschaatst.’

Waar word je nog meer blij van?

‘Ik vind het leuk om met vriendinnen af te spreken, lekker te lunchen en te winkelen. Sinds afgelopen zomer vind ik het ook enorm leuk om met vriendinnen naar een festival te gaan. Er staan er alweer een aantal gepland, dus daar heb ik heel veel zin in! Ik hoor niet bij een grote vriendengroep maar dat hoeft ook niet. Ik ben juist dankbaar dat ik een aantal fijne vriendinnen heb, die heel dicht bij mij staan. We delen veel met elkaar en we kennen elkaar door en door. Ook ben ik erg trots op en blij met mijn familie, we doen veel leuke dingen samen. Verder kan ik ook genieten van een goed boek of een leuke serie, ik doe ook graag rustig aan.’

Zijn er dingen die je niet kan door je beperking?

'Ik kan heel veel wat anderen ook kunnen. Maar er zijn ook dingen die lastig zijn, zoals potjes openmaken en veterstrikken. Als het kan vraag ik gewoon iemand om me te helpen. Mijn ouders hebben mij altijd alles zelf laten uitzoeken. Sinds kort woon ik op kamers, dat is een heel leuke ervaring. Ik merk dat ik sommige dingen nog niet kan. Maar die vrijheid, voor mezelf zorgen, doen wat ik zelf wil… dat vind ik geweldig! Het is belangrijk om op deze leeftijd een beetje afstand van je ouders te nemen. En te ontdekken wat je zelf kan, dat geldt voor iedereen. Of je nou een handicap hebt of niet. En ja, soms is het best pittig. Deels door mijn beperking maar ook omdat het allemaal nieuw is. Door nu heel veel ervaring op te doen in mijn stage en kennis te vergaren in mijn studie kan ik mij over vijf jaar prima redden. Ik wil onafhankelijk zijn!’

Quote van Aranka van Lindert, stagiaire NSGK in groen kader

Heb je moeten vechten voor je plekje?

‘Anderen zeggen van wel. Zelf ervaar ik dat niet zo. Ik moet me wel meer laten horen en zorgen dat mensen me zien en naar me toe komen. Voor mij is het de kunst om mensen te zien die mij zien. Als kind vond ik het soms best lastig om contact te leggen op school of in grote groepen. Ik werk daaraan zodat ik me nog beter in mijn vel voel.’

Hoe ziet je toekomst eruit?

‘Vroeger wilde ik altijd journalist worden maar ik ben geen razende reporter. Ik houd erg van schrijven en ben geïnteresseerd in mensen en hun verhalen. Dus niet het snelle nieuws maar de achtergrond. Ik wil iets betekenen voor anderen door over onderwerpen te schrijven die menselijk zijn. Net als NSGK. Ik schrijf ook vier keer per jaar een column voor het ambassadeursmagazine KIK van Stichting Opkikker en af en toe help ik mee aan andere rubrieken. Daarnaast schrijf ik voor de website van ‘Stichting Hoezo Anders’, een stichting voor en door jongeren met een beperking. Hoezo Anders inspireert hen hun dromen waar te maken. Als redacteur doe ik interviews en mag ik hun verhalen vertellen. Schrijven is mijn passie en ik wil echt goed worden in mijn vak, daarom oefen ik veel. Het schrijven leert me ook om mezelf te presenteren en vragen te durven stellen. Dat is belangrijk en leerzaam want ik ben soms een beetje verlegen.’

Heb je een droom?

‘Jazeker! Ik heb meerdere dromen. Op dit moment is het mijn droom om verhalen te verzamelen van mensen met een zeldzame ziekte of syndroom en die te bundelen in een boek. Ik hoor in mijn omgeving veel dat mensen met een zeldzame ziekte er alleen voor staan. Over veel zeldzame ziektes is weinig bekend en sommige mensen zijn lang zoekende naar een behandeling. Deze is er ook niet altijd. Wist je dat één op de zes patiënten in een academisch ziekenhuis een zeldzaam syndroom heeft?! Dus eigenlijk zijn ze helemaal niet zeldzaam, samen vormen ze de grootste groep. Met het boek wil ik meer bekendheid voor zeldzame ziektes. Het zou helemaal mooi zijn als ik fondsen in beweging krijgen en er geld voor onderzoek mee opgehaald kan worden. Deze droom komt mede voort uit mijn eigen beperking. Ik heb geluk gehad met een arts die het syndroom al eerder had gezien en het bij mij herkende, dat is best uitzonderlijk. Mijn gezondheid is stabiel en ik besef dat anderen soms minder geluk hebben omdat er bij sommige syndromen nog ontzettend veel onzekerheid is. Hier ben ik altijd even stil van, het raakt me. Daarom wil ik iets voor deze grote groep doen. Zij verdienen het óók om gezien te worden.’

Wat zou je anderen willen zeggen?

‘De meeste goede voornemens zijn gedoemd om te mislukken, als je het mij vraagt. Maar wanneer je dit verandert in dromen én doelen, is er ineens veel meer mogelijk! Leg de lat niet te hoog. Wees tevreden met elk klein stapje op weg naar jouw droom of elk doel dat behaald is. Doe dingen waar je blij van wordt en volg je hart. Ga ervoor en doe het met passie! Het opstellen van doelen en dromen helpt mij ook om de juiste weg naar mijn dromen te bewandelen en deze te verwezenlijken. Stapje voor stapje kom ik steeds dichterbij. Ook al zal ik altijd een ‘dromertje’ blijven.’

CBF Centraal Bureau Fondsenwerving ANBI Algemeen Nut Beogende Instelling VriendenLoterij

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen? Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen.